Skip to Content

Cabaretière, actrice, columniste en presentatrice Funda Müjde is op de top van haar carrière als ze in 2007 betrokken raakt bij een ernstig verkeersongeluk. Ze belandt in een rolstoel. Maar de afgelopen dertien jaar blijkt Müdjes tomeloze energie en kracht door geen stoel in te perken. Ze maakt meerdere one woman shows, fietste in 89 dagen 3800 kilometer met een handbike van Amsterdam naar Istanbul en schrijft een boek. In een terugkerende column op Wijrollen.nl deelt Müjde haar visie op haar rollende leven.

Niet alleen voor Funda verandert alles in 2007. Funda’s dochter Efza Üstüner moet afscheid nemen van haar lopende moeder en vriendin Laïla Abid (43) van haar lopende vriendin. Zij kijken samen met ons terug op hun leven met en zonder stoel.

Efza Üstüner (31)

Onderwijskundige

Hoe heeft de persoonlijkheid van je moeder jou gevormd?

“Vroeger was ik meer introvert dan extravert. Het verbale heeft er vast altijd wel ingezeten, maar het was niet op de voorgrond. Ik denk dat door wie mijn moeder is, het meer tot leven is gekomen. Ze heeft altijd veel aanbod gegenereerd: paardrijden, dansen, theater, zang. Ik heb nooit een kantoorbaanmoeder gehad. En mij als vrouw heeft dat veel gebracht. Alles was een mogelijkheid. Ze leerde ons een eigen toekomst te creëren: ‘Nee heb je, ja kun je krijgen’.”

“ik was banger van haar dan van het solliciteren”

Hoe kwam dat terug in de keuzes die je maakte?

“Op veel kansen zei ik gewoon ja. ‘Ik heb het nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.’ Zo ben ik ook aan mijn eerste baantje gekomen. Meteen een heel goede baan: legal secretary bij Allen & Overy. Mijn moeder lag voor pampus in het ziekenhuis na het ongeluk en zei: ‘Dat ik hier nu half verlamd lig en we niet weten hoe het verder gaat, dat betekent niet dat ik vergeten ben dat je in je examenjaar zit. En als je niet naar school gaat dan ga je maar werken.’

Ze daagde me uit. En dat werkte; ik was banger van haar dan van het solliciteren. Dus flanste ik een cv in elkaar waarop ik deed alsof ik secretaressewerk voor haar had gedaan. Ik had Engelstalig VWO (IB) gedaan – daar had ik geluk mee. Ik kon snel, goed en foutloos Engels typen.”

En het werkte?

“Ik stuurde zeventien sollicitaties uit, bij vier werd ik uitgenodigd en uiteindelijk kon ik uit twee kantoren kiezen. Ik had een mantelpakje gekocht en alles. Ik was achttien, wist ik veel. Ik zag het helemaal voor me. Zonder aanmoediging van mijn moeder had ik het nooit gedaan.”

Is jullie relatie veranderd na het ongeluk?

“Vooral in het begin bracht het ons dichter bij elkaar. En het heeft me langer thuisgehouden. Tot een jaar terug woonde ik ook nog bij haar; in mijn eigen plek in het huis. Samenwonen met iemand die fysiek beperkt is – je kan wel mooie woorden gebruiken, het is gewoon wat het is – dat maakt je bewust van het gemak dat je hebt. Alleen al gewoon naar de wc kunnen gaan. Of niet alles te hoeven plannen.”

Hoe heb je de tijd van het ongeluk ervaren?

“We kwamen na het ongeluk aan in Istanbul. Ze lag daar in het ziekenhuis. Helemaal gehavend en vol met wondvocht. Overleven zou ze wel, maar we wisten niet of ze überhaupt nog zou kunnen zitten. Ik wilde niet huilen waar zij bij was. Ik ben naar de lobby gelopen en heb zo hard gehuild. Mama was onaantastbaar. De krachtige vrouw op de troon die alles kon… Die was in één klap weg. Het heeft mij en mijn broertje snel volwassen gemaakt. Ik moest met één hak naar het volwassen leven.”

Heb je veel gehoopt op herstel?

“Nee. Oké… Wel gehoopt. Mijn moeder zegt ook in haar show: hoop doet leven. Maar als je elke dag geconfronteerd wordt dat iets niet zo is, dan gaat dat ook schuren.”

Wat zijn verdrietige momenten geweest in het proces?

“Nu ik zwanger ben… Ik weet dat ze nu dingen voor mij zou doen als ze niet invalide was. Ik heb al jaren een kinderwens; ik kijk hier al zo lang naar uit. Het is ons ontnomen dat ze een lopende oma wordt. Maar ze is er nog steeds voor me. En ze doet het. Met haar andere kleinkinderen is ze ook hartstikke leuk. Oma duwen vinden ze hilarisch. En ze weten ook niet beter dan dat ze in een rolstoel zit.”

Maar er zijn dingen die ze niet kan.

“Precies. Meer spelen en minder zorgen. Ik heb haar daar wel eens verdrietig om zien worden. Ook met winkelen. Ik kon haar dan meeslepen, maar dan was ze aan het eind van de dag helemaal gesloopt. Dat zijn verdrietige momenten. Je moet ook onthouden dat het door toedoen van iemand is dat ze in een rolstoel zit. Dat speelt ook mee. Al heeft zij die boosheid niet gevoeld.”

Jij wel?

“Ja. Niet op de voorgrond, maar ik wilde wel eens dat hij kon zien wat hij een gezin heeft aangedaan omdat hij zo nodig moest gaan racen over straat. Want dat is het: Hij heeft dit niet alleen een moeder aangedaan, maar een heel gezin.”

Wat was een mooi moment in de tijd van het ongeluk?

“Dat haar teen voor het eerst bewoog tijdens het revalideren. Ik denk dat veel mensen dat wel herkennen: Je hangt al je hoop op aan die bewegende teen. Een ander mooi moment was toen ze met de handbike van Nederland naar Istanbul ging. Ze heeft zoveel levenskracht.”

Je praat veel over die kracht van je moeder. Maar… Heeft ze ook lastigere eigenschappen?

“Oh, ik kan er genoeg opnoemen! Mijn moeder heeft altijd heel veel geregeld. Nu moest ze plots van een afstand toekijken hoe er bijvoorbeeld gekookt werd in haar keuken. Dat was moeilijk. Dat snap ik ook wel. Dat ze de regie in handen wilde houden is haar niet altijd in dank afgenomen. En dat hele sterke dat ze heeft… Ja, soms vraag je je dan ook af of het onder die kracht wel écht goed met haar gaat.“

 

Laïla Abid © Johannes Odé

Laïla Abid © Johannes Odé

Laïla Abid (43)

PR & Communicatie ViacomCBS / Raad van Toezicht HKU e.a.

Hoe heb je Funda ontmoet?

“Dat is al bijna 17 jaar geleden. We hebben nu samen ‘Het Godinnenbanket’, een groepje vrouwen – changemakers op hun terrein – waarmee we samen eten. Eerder hadden we nog zo’n soort groepje. En daar hebben we elkaar ontmoet. Ik heb een journalistieke achtergrond en was écht een nieuwsjunkie.

Ik las altijd de column van Funda in de Telegraaf. Het was niet mijn krant, maar haar columns waren heel verfrissend. Ik kom uit een tijd dat je in mijn geval niet veel rolmodellen had, buiten Oprah om. Dus mensen waar ik mezelf op een manier in terugzag, hield ik in de gaten. Ik heb haar dat die avond nog verteld. En we zijn sindsdien altijd vrienden gebleven.”

Wat sprak je aan in haar?

“Iedereen die haar tegenkomt ziet meteen wat ik bedoel. Het is een brok goede energie. Het optimisme. Haar uitstraling. Haar power. Het is haar verbinding; dat ze je volledig omarmt vanaf het begin. Dat maakt het zo prettig om haar in je omgeving te hebben. Als je ziet wat ze zelf heeft meegemaakt, dat is niet simpel. Maar als je mindset sterk en krachtig genoeg is, krijg je alles voor elkaar. Dat bewijst zij iedere keer weer.”

“Haar sportschema? Ik doe dat niet eens in een maand.”

Waarin zie je dat terug?

“In haar ongeluk, natuurlijk. Ik kende haar ook daarvoor als iemand die hield van joggen en sporten. Ze was fanatiek, betrokken, maatschappelijk, sociaal. Ze is eigenlijk nog steeds dezelfde persoon als voor haar ongeluk, op de rolstoel na. Daar zit een onmacht omheen. Maar we doen nog steeds de dingen die we altijd deden.

Dat is ook mijn uitgangspunt met haar. Op stap gaan. Zwemmen. Fietsen. Vakanties naar landen waar niet eens een stoep is. Niets houdt haar tegen. Zij doet qua sport veel meer dan een gemiddeld iemand die loopt. Dan gaat ze zwemmen, dan weer acht kilometer fietsen. Haar sportschema? Ik doe dat niet eens in een maand.”

Had je dat verwacht?

“Ja, dat had ik bij haar zeker wel verwacht. Ze is natuurlijk een zwaar onafhankelijk iemand, maar in haar positie is ze toch afhankelijk. Ze doet praktisch alles zelf. Ze kan autorijden, ze zwemt alleen, maar ze heeft af en toe dat zetje nodig. Dat is wel een eeuwig proces en dat is moeilijk. Al laat ze dat niet echt merken. Heel af en toe kan ze wel kwetsbaar zijn. Dan wijst ze simpelweg naar haar rolstoel en zegt ze: ‘Ik vind dit gewoon lastig’.”

Hoe was het revalideren?

“Dat gaat natuurlijk niet vlot, maar haar mindset was altijd al helemaal aan. Een ongeluk is fysiek; dat zegt niets over de mind. Natuurlijk heeft ze off-momenten, maar de kracht… Dat is bewonderenswaardig.”

Hoe was de tijd rond het ongeluk voor jou?

“Verdrietig. Je weet in het begin heel weinig; we kregen eerst enkel het bericht dat ze in Turkije in het ziekenhuis lag. In het revalidatiecentrum op de Overtoom heb ik veel tijd met haar doorgebracht. Een hele tijd liggend – toen kon ze nog helemaal niets.

Er is in dat hele proces nooit gezegd dat ze niet meer kon lopen. En dat heb ik ook nooit geloofd. Op een gegeven moment kom je wel bij het maximale van de revalidatie. Het is een heel droevige periode, omdat je er steeds achter moet komen wat de status van je lichaam is.”

Wat maakte dat voor jou zo droevig?

“De onmacht. Je ziet dat er een wil is; dat iemand snel opklaart qua mindset. Ze ligt daar in bed, gaat grapjes maken en dan hebben we plots weer de oude gesprekken. Dan zijn we over boeken en programma’s aan het praten. Onze liefde voor kennis die was er toen ook, maar het fysieke dat bleef staan… Daar moest ze nog aan werken. Dat dat lichaam dan nog niet meekomt, dat is frustrerend. Ze heeft daar hard voor moeten werken.”

“Niets houdt haar tegen”

Je zei iets over reizen naar landen waar helemaal geen stoep is.

“Ze heeft het allemaal gedaan. Je kent de Franse bergen? Het is daar heel mooi, heel primitief, heel erg in de natuur. Maar kijk naar Nederland: je kan hier al niet eens alles rolstoelproof doen. Als je dan naar de bergen gaat, kan je niet verwachten dat daar voorzieningen voor rolstoelen zijn.

Zij en haar man Ron besluiten dat dan gewoon te doen. Oh, we zijn echt overal geweest. Bijvoorbeeld naar Marrakesh met het Godinnenbanket. Dat is niet comfortabel, dan gaan we naar hele primitieve wijken. Maar we zijn gegaan! Dan kijken we echt niet of het rolstoellogootje er wel of niet hangt.”

En dan gewoon tillen en gaan?

“Gewoon tillen en gaan. Hup. Met zijn twee. We hebben ook vriendinnen die op één hoog woonden. Dat houdt ons echt niet tegen. En haar al helemaal niet. Ze kan zich wel eens bezwaard voelen, maar dat moet je loslaten.”

Heeft dat helpen jullie vriendschap veranderd?

“Het is wennen. Haar steun en toeverlaat is Ron, maar er zijn ondertussen een aantal mensen die dit al zo vaak met haar gedaan hebben. Het is gewoon zo. Ze heeft af en toe gewoon dat steuntje of zetje nodig. En ondertussen beppen we gewoon door, hoor”


0 mensen hebben gereageerd

Alles over rollen

Zoeken

Rolltalk

Stel hier je vraag aan de leden van de community of vertel jouw persoonlijke verhaal.

Back to top